Wat passanten hebben overgebracht - Het noodlot dat werkelijkheid heet - Filosofisch Realisme van Jan G. Marque.

Wat passanten hebben overgebracht - Het noodlot dat werkelijkheid heet - Jan G. Marque 6.
Wat passanten hebben overgebracht - Het noodlot dat werkelijkheid heet - Jan G. Marque 48.
Wat passanten hebben overgebracht - Het noodlot dat werkelijkheid heet - Jan G. Marque 22.

Wat passanten hebben overgebracht.



‘Ik ben één van een aantal mannen,’ had hij gezegd.
    ‘Ja hoor, maak een ander wat wijs, maar mij niet.’
‘Echt waar, ik was er zelf bij. Hij stond in een groepje mannen, die samen stonden te wachten op wat komen ging.’
    ‘En wat was dat dan wel?’
‘Nou, wie uiteindelijk uitgekozen zou worden als werkelijk bestaand persoon.’
    ‘Ja hoor! Werkelijk bestaand persoon? Iedereen bestaat toch werkelijk? Wat lul je nou man?
    ‘Wat ik zeg. In dat groepje mannen zou er maar één werkelijk bestaan en de anderen moesten vanaf dat moment maar iemand anders gaan spelen.’
    ‘Oh, en wie bepaalde dat dan?
‘Nou, hij bepaalde dat.’
    ‘Hij, wie is nou weer hij?’
‘Degene die ging bepalen wie werkelijk zou bestaan en wie niet. Tja en waarom hij hij werd genoemd, dat weet ik ook niet. Zo noemden de mensen hem nou eenmaal.’
    ‘Oke, laat hem maar. Wat gebeurde er verder?
‘Heel simpel. Hij kwam aanlopen, rees zijn hand en zonder ook maar een woord te spreken wist iedereen in zijn omgeving wat hij bedoelde.’
    ‘Ja en dat was?’
‘Nou dat één van hen werkelijk bestond vanaf dat moment. Zo simpel bleek het te zijn.’
    ‘Hè, nou snap ik er echt niks meer van. Hoe kan nou één persoon in staat zijn om dit allemaal te veroorzaken en dat iedereen zijn mening dan maar gewoon volgt?’
    ‘Ik denk dat het komt omdat hij het geloof van de mensen heeft. Ze vertrouwen hem. Op deze manier heeft hij een soort van aanzien, wat hij weer kan gebruiken naar eigen inzicht. Zo weet iedereen in zijn omgeving waar hij of zij aan toe is en hoe zij zich moeten gedragen. Orde in plaats van chaos zullen we maar zeggen.’
    ‘Als ik het dus goed begrijp dan bepaald deze man welke persoon welke functie mag bekleden. Misschien wel ongeacht de competentie van deze persoon. Hij laat het dan niet over aan het universum, dus wie je bent als geboren persoon, maar zijn mening vormt hij vooral door hoe hij deze werkelijkheid persoonlijk waarneemt. Hij bepaald dus vanuit zijn persoon en vanuit zijn functie of, en hoe, jij en ik passen in de buitenwereld?
    ‘Ja, volgens mij klopt jouw uitleg zo wel.’  
‘Mmmmh. Vreemd. Wel interessant, maar vreemd. En de mensen accepteerden dat?’
    ‘Ja, blijkbaar. Er klonk wat gemompel en ik zag hier en daar droevige en serieuze gezichten, maar verder niemand die er tegen in ging. Alsof ze het zagen als een soort noodlot. Zo van Ik ben eigenlijk iemand anders, maar dit is nu eenmaal mijn werkelijkheid. Dit is wat ik moet accepteren...’
 
 
Jan G. Marque ©










Wat passanten hebben overgebracht - Het noodlot dat werkelijkheid heet - Jan G. Marque 41.
Wat passanten hebben overgebracht - Het noodlot dat werkelijkheid heet - Jan G. Marque 36.